Introductie
Wat is de duurzame wegwijzer?
De duurzame wegwijzer is een tool van en voor musea, welke daarom ook tot stand is gekomen in samenwerking met de musea zelf. Met deze wegwijzer willen we musea op weg helpen en ondersteunen bij het zetten van stappen richting een duurzamer museum. Laagdrempelige kennisdeling is het doel: van elkaar leren en niet opnieuw het wiel uitvinden. We voeden je met achtergrondinformatie en nieuwe inzichten en bieden je praktische tips aan om zelf mee aan de slag te gaan.
Dit hebben we verdeeld over drie onderwerpen:
- Een duurzame organisatie
- Negatieve impact verkleinen
- Positieve impact vergroten
Ieder onderwerp focust op de belangrijkste ontwikkelingen die op hun beurt weer zijn voorzien van best practices; succesvolle projecten en bewezen strategieën van musea die je voorgingen. Het zijn geen kant-en-klare oplossingen, maar waardevolle inzichten en inspiratiebronnen.
De duurzame wegwijzer wordt bovendien doorlopend up to date gehouden, waardoor je altijd op de hoogte bent van actuele ontwikkelingen voor jouw praktijk.
Heb jij een inspirerend voorbeeld, praktische tip of waardevolle kennis wat je graag wilt delen met het bredere museale veld (juist ook van wat niet goed ging)? Laat het ons weten. Zo werken we samen aan een duurzamere museumsector!
Waarom is een duurzaam museum belangrijk?
- Behoud van cultureel erfgoed. Musea dragen de verantwoordelijkheid om het cultureel en historisch erfgoed van Nederland te bewaren voor toekomstige generaties. Denk aan de werken van Van Gogh, Vermeer en Rembrandt, maar ook aan Nijntje, Delfts blauw en eeuwenoude Nederlandse schepen. Duurzaam handelen is essentieel om de veiligheid van de Nederlandse collectie te waarborgen.
- Maatschappelijke verantwoordelijkheid. Klimaatverandering is een urgent maatschappelijk probleem dat ons allemaal aangaat. Musea hebben als publieke instellingen de verantwoordelijkheid om actief bij te dragen aan een duurzamere samenleving. Dit betekent niet alleen bewust omgaan met energie en materialen, maar ook het publiek informeren en betrekken bij het gesprek over de gevolgen van klimaatverandering voor de noodzakelijk gedrags- en mentaliteitsverandering.
- Creatieve kracht en voorbeeldfunctie. De museumsector is een sector die juist met haar creativiteit en verbeeldingskracht kan laten zien welke oplossingen er allemaal mogelijk zijn om klimaatverandering aan te pakken. Door zelf duurzamer te werk te gaan inspireren musea bezoekers, partners en de rest van de Nederlands samenleving. Want als het oudste museum van Nederland (uit 1784!) kan verduurzamen, welk gebouw kan het dan niet?
- Bron van kennis en bewustwording. Musea zijn voor de maatschappij een betrouwbare en onafhankelijke bron van informatie. Juist op het gebied van het klimaat, waar veel desinformatie over wordt verspreid, kunnen musea een belangrijke rol spelen in geloofwaardige kennisdeling. Door hun brede bereik en unieke wijzen van het aangaan van complexe vraagstukken, kunnen musea duurzaamheid toegankelijk maken voor iedereen. Zo kunnen musea een essentiële rol spelen in bewustwording en het stimuleren van positieve gedragsverandering.
- Kostenbesparing op de lange termijn. Een energie-efficiënter gebouw, circulair materiaalgebruik en tentoonstellingsontwerp, en het verminderen van afval leiden op de lange termijn allemaal tot lagere kosten voor het museum.
- Toenemende eisen subsidies, fondsen, stakeholders en publiek. Duurzaam beleid wordt steeds vaker verwacht van bezoekers, subsidieverstrekkers en andere belanghebbenden. Musea die een duurzaamheidsbeleid hebben uitgewerkt versterken dus hun positie.
Hoe werk je met de duurzame wegwijzer?
Met de duurzame wegwijzer willen we een centraal kennispunt bieden voor musea die willen verduurzamen in de brede zin. Er zijn al veel inspirerende duurzame initiatieven en waardevolle kennisbronnen in de culturele en creatieve sector. Met deze wegwijzer bundelen we relevante informatie specifiek voor de museumsector.
De wegwijzer is opgebouwd uit verschillende onderwerpen en biedt per onderwerp relevante ontwikkelingen, best practices en praktische tips. Of je nu net begint met verduurzamen of al verder bent; de wegwijzer helpt je op weg. Aan de slag!
Waar begin je?
Zie verduurzamen niet als een obstakel, maar zie het juist als een mogelijkheid voor nieuwe kansen voor het museum. De stap om te beginnen met verduurzaming kan overweldigend lijken, met talloze opties, bronnen waaruit je kunt kiezen. Ga je namelijk voor een nieuwe duurzame klimaatinstallatie of toch die groene tuin vol met biodiversiteit? Met andere woorden: waar begin je? De duurzame wegwijzer helpt je op weg.
Creëer eerst inzicht en overzicht
Wil je weten waar je als museum het beste kunt beginnen met verduurzamen? Dan is inzicht creëren cruciaal. Zonder inzicht baseer je je acties al snel op aannames. Daarom is het belangrijk om eerst goed in kaart te brengen waar de grootste CO₂-uitstoot in het museum vandaan komt. Zo weet je precies waar de meeste winst te behalen valt en voorkom je dat je tijd en budget steekt in acties die relatief weinig CO₂-reductie opleveren.
Een goed startpunt is het opstellen van een nulmeting. Dit is een momentopname van de milieu-impact van het museum, verdeeld over verschillende onderdelen van de organisatie. Denk aan energie, gas- en waterverbruik, mobiliteit, afval en tentoonstellingen. Tools zoals de Milieubarometer en De Groene Grachten Zelfscan helpen je hierbij. Met deze meters kan je berekenen wat de grootste uitstoters zijn, en zo krijg je houvast bij het bepalen van de prioriteiten. Begin bijvoorbeeld met de grootste vervuilers, of juist met de uitstoters die relatief eenvoudig aan te pakken zijn: de keuze is aan jou, afhankelijk van het duurzaamheidsbeleid binnen jouw museum. Hoe meer inzicht in waar de negatieve impact zit, hoe gerichter je aan de slag kunt om positieve impact te maken. Meten is weten!
Hoe maak je een nulmeting?
Bij musea kun je de CO₂-uitstoot doorgaans onderverdelen in de categorieën energie-, gas- en waterverbruik, mobiliteit, afval en tentoonstellingen. Per onderdeel kun je vervolgens de milieu-impact zo nauwkeurig mogelijk in kaart gaan brengen.
- CO₂-uitstoot door energie-, gas- en waterverbruik. Het berekenen van de CO₂-uitstoot door energie, gas- en waterverbruik doe je met de Milieubarometer. Tip! Leg meerdere jaren naast elkaar om te kunnen vergelijken. Wat veroorzaakte pieken of dalingen in verbruik? Dit levert waardevolle inzichten op voor gerichte besparing.
- CO₂-uitstoot door mobiliteit. Mobiliteit is vaak een van de grootste vervuilers: van bezoekers, werknemers en collectievervoer. Hoe bereken je de CO₂-uitstoot van het transport van het museum?
- Mobiliteit van werknemers: inventariseer wie er met de auto, fiets of het OV komt, en hoeveel kilometers ze reizen.
- Mobiliteit van bezoekers: vraag bij de ticketverkoop bijvoorbeeld naar de postcode en het vervoermiddel van de bezoeker. Zo kun je met standaard emissiefactoren en reisafstanden de CO₂-uitstoot van bezoekersverkeer berekenen. Tip! Bekijk waar je bezoekers met de Museumkaart vandaan komen in de MIJN-omgeving.
- Mobiliteit van collectie: ga na hoeveel bruiklenen er het afgelopen jaar waren en wat hiervan de reisafstanden waren met wat voor vervoermiddelen. Op deze manier kun je met emissiefactoren en reisafstanden de CO₂-uitstoot van de mobiliteit van collectie berekenen.
- CO₂-uitstoot door afval. Voor restafval is er geen standaard emissiefactor, maar dit is aan te vragen bij je afvalinzamelaar. Door deze factor te vermenigvuldigen met het totaal aan kg restafval kun je de CO₂-uitstoot door restafval berekenen.
- CO₂-uitstoot door tentoonstellingen. Voor het berekenen van de CO₂-uitstoot van de tentoonstellingen is een speciale Carbon Calculator gemaakt door het Design Museum in London en de Gallery Climate Coalition. Met deze tool kan je uitgebreid berekenen hoeveel CO₂-uitstoot bij elke tentoonstelling vrijkomt en in welk onderdeel die uitstoot zit.
Wil je meer begeleiding of een uitgebreider onderzoek voor het maken van een nulmeting? Dan kun je ook samenwerken met adviesbureaus. Vraag in één van de Museumnetwerken aan je collega museumprofessionals wie hier al ervaring mee heeft.
Om je een idee te geven hoe het gemiddelde verbruik van een museum eruitziet: de Milieubarometer heeft in 2017 de gemiddelde CO₂-uitstoot van een museum gevestigd in Den Haag berekend.
Begin klein, denk groot: laaghangend fruit
Vergeet niet: ook kleine stappen hebben impact, juist in de museumsector. Het is verstandig om eerst inzicht te krijgen in je energieverbruik en CO₂-uitstoot voordat je grote beslissingen neemt, maar laat dat geen reden zijn om stil te blijven staan. Je hoeft niet altijd te wachten op grote investeringen om te beginnen met verduurzamen. Zet duurzame stappen waar dat nú al mogelijk is. Dat is vaak bij meer dan je denkt mogelijk.
Juist door ook de vele kleine bronnen van uitstoot aan te pakken, of door positieve impact te creëren, kun je als museum al snel verschil maken. Zo kun je er dus voor kiezen om eerst de grootste vervuilers binnen je organisatie aan te pakken, of te beginnen met het laaghangend fruit: de maatregelen die weinig tijd en geld kosten, maar wel direct resultaat opleveren. Of nog beter, een combinatie van beide! Zo werk je stap voor stap toe naar een duurzamer museum.
Borg alle plannen structureel in een duurzaamheidsbeleid
Heb je nu een beter inzicht in waar de grootste negatieve impact ligt en waar je stappen wil gaan nemen? Ga dan een plan maken met verduurzamingsacties en doelstellingen. Zo komt het goed van de grond af en is er structuur en houvast rondom duurzaamheid in de hele organisatie. Lees hier meer over in het hoofdstuk Duurzame organisatie van deze wegwijzer.
Tip! Het hebben van een duurzaamheidsbeleid is een nieuw verplicht onderdeel van de Museumnorm 2025 (gaat in per 1 januari 2026). De Museumnorm is het kwaliteitskader voor geregistreerde musea in Nederland. De toetsing of een museum voldoet aan de Museumnorm wordt gedaan door het Museumregister Nederland. De Museumvereniging stelt de Museumnorm als voorwaarde van lidmaatschap. Ook reeds geregistreerde musea moeten aan de nieuwe norm voldoen en worden hierop getoetst middels een herijkingssteekproef. Wees hierop voorbereid en ga er alvast mee aan de slag.
Tips van musea
- Kijk eens goed naar je processen en de gehele bedrijfsvoering. Waar kunnen veranderingen gemaakt worden om een positieve impact te maken? Bespreek dit in het green team van jouw museum.
- Je hoeft het niet alleen te doen, vraag kennis bij collega’s en andere musea. Ga eens samen met andere musea zitten en deel kennis uit met elkaar.
- Ga stapsgewijs aan de slag en ga experimenteren. Durf ook fouten te maken! Het is soms nog waardevoller om te weten wat niet werkt.
- Bij grote verduurzamingacties: maak keuzes gebaseerd op berekende impact in plaats van wat je denkt dat het duurzaamst is en vraag om advies aan collega musea of experts.
- Bij kleine acties: ga vooral aan de slag! Begin!
- Niet alles hoeft in één keer. Door het klein te houden, maak je het behapbaar en dat werkt motiverend.
- Ga creatief aan de slag binnen de middelen die je hebt. Kijk voor inspiratie naar de best practices in de wegwijzer.
Denk breed, creatief en holistisch
Verduurzamen hoeft niet altijd iets groots of kostbaar te zijn. Of het museum nu een kleine of een grote organisatie heeft, met een kleiner of ruimer budget: ieder museum kan op zijn eigen manier bijdragen aan het verkleinen van de negatieve én het vergroten van de positieve impact op de wereld om ons heen. Neem daarom een brede, creatieve en holistische aanpak. Een holistische aanpak betekent dat je breder kijkt, door alle lagen van het museum heen: van afval en tentoonstellingsmaterialen tot biodiversiteit, mobiliteit, inkoop en maatschappelijke betrokkenheid. Juist daar waar je niet meteen denkt aan duurzaamheid, liggen vaak waardevolle kansen. Denk dus eens na: Waar wil ons museum een positieve bijdrage leveren? En hoe kunnen we dat op een manier doen die past bij ons museum, onze middelen en onze missie? Zo wordt duurzaamheid niet een aparte taak, maar een integraal onderdeel van het museum.
Iedere stap telt, zo werken we samen naar een duurzame museumsector!
Een duurzame organisatie
Een duurzaam museum begint bij een duurzame organisatie. Dat vraagt om bewustwording bij medewerkers, maar ook om een duidelijke en transparante structuur in het beleid. Duurzaam werken betekent creatief denken, experimenteren én doen. Van het opzetten van een green team tot het rapporteren over de duurzame doelen en resultaten. Hoe doe je dit? Hieronder vind je handvatten om duurzaamheid intern te verankeren om samen met alle collega’s te werken aan de groene transitie van het museum.
Bewustwording binnen de organisatie
Duurzame verandering begint met bewustwording in de organisatie. Als collega’s begrijpen waarom verduurzaming noodzakelijk is, groeit de motivatie om bij te dragen ook. Dit kan op verschillende manieren: een duurzaamheidstraining, evenementen over duurzaamheid in de sector bijwonen, maar ook standaard vegetarische lunch aanbieden als werkgever of het hebben van een eigen mok op werk. Door het zichtbaar te maken gaat duurzaamheid leven in de organisatie. Denk zo bijvoorbeeld ook aan het delen van duurzame acties via intranet (of een ander intern communicatiemiddel), een reminder om niet alles te printen of het uitzetten van de verwarming en de computer schermen aan het eind van de dag.
Door duurzaamheid zichtbaar en bespreekbaar te maken, wordt het een vanzelfsprekend onderdeel van de organisatie en het museum. Niet als uitzondering, maar als de norm. Maak het een gezamenlijke way of doing and being. Tip! Volg de gratis e-course van Stichting Klimaatgesprekken: hierin krijg je tips om het gesprek over klimaatverandering op een positieve manier aan te gaan. Zowel op de werkvloer als daar buiten. Want: woorden doen ertoe.
Green team
Door een green team, een duurzame werkgroep of een groene denktank op te richten geef je collega’s de ruimte en mogelijkheid om actief mee te denken en samen aan de slag te gaan met verduurzaming. Op deze manier wordt duurzaamheid een gedragen onderdeel binnen de hele organisatie.
Hoe start je een green team op?
- Ga eens samen zitten met collega’s die geïnteresseerd zijn in duurzaamheid. Een natuurlijke manier om een green team te vormen is om eens met de collega’s te gaan sparren die van zichzelf al een interesse hebben in duurzaamheid. Dus stuur eens een mail rond om te inventariseren wie het leuk zou vinden om mee te denken over klimaatvraagstukken passend bij het museum. Ga vooral niet trekken aan mensen die niet willen. In elke organisatie zijn wel mensen die bij willen dragen aan verduurzaming. Maar hoe dan ook, kom vooral samen, zodat het van de grond komt. Daarna kan het green team over de tijd uitgebreid worden, wanneer andere collega’s zien wat voor goede (en leuke!) stappen er gezet worden.
- Zorg voor een afspiegeling van de organisatie. Idealiter bestaat het green team uit collega’s van elke afdeling binnen het museum. Zo is het green team een goede afspiegeling van de organisatie en komt verduurzaming dus ook overal in de organisatie terecht. Dan kan elke afdeling ook nadenken over duurzaamheidsmaatregelen en acties waarmee ze aan de slag kunnen gaan in hun afdeling en ook hoe vaak de afdeling zelf samen kan komen voor duurzaamheidsoverleg. Op deze manier ontstaat er draagvlak en eigenaarschap. Duurzaamheid wordt dan iets wat je samen doet, niet iets wat wordt opgelegd. En juist omdat collega’s hun afdeling van binnenuit kennen, kunnen zij het beste inzien waar mogelijkheden zijn om te verduurzamen.
- Kleiner team? Werk met groene ambassadeurs. Ga aan de slag met een of meerdere groene ambassadeurs in plaats van een green team! Op deze manier creëer je alsnog structuur en levendigheid rondom duurzaamheid en zorg je dat duurzaamheid altijd op de agenda staat.
- Zorg voor verbinding met de directie. Het is belangrijk dat duurzaamheid ook op de agenda staat bij directie. Verduurzamen vraagt om een bottom-up approach, maar (financiële) knopen worden wel top-down doorgehakt. Via de directie kan duurzaamheid namelijk ook weer verder naar stakeholders worden gecommuniceerd. Zet bijvoorbeeld begin van het jaar vast hoe vaak de directie en/of het MT aanwezig is bij een green team overleg en wie vanuit het MT het vaste aanspreekpunt is van het green team. Zo is er altijd top-down betrokkenheid en kunnen plannen ook daadwerkelijk gerealiseerd worden.
- Kom met regelmaat samen. Zorg dat er duidelijkheid is over hoe vaak je met elkaar samenkomt als green team. Zo is er structuur en kan er goed aan de duurzame initiatieven gewerkt worden. Bespreek samen met collega’s hoe vaak jullie samen willen en kunnen komen, zodat iedereen de bijeenkomsten blokt in de agenda’s.
- Formuleer concrete doelen voor het green team. Op deze manier werk je samen actief naar iets toe, is er richting en is de vooruitgang ook meetbaar. Dit houdt collega’s gemotiveerd en bied inzicht in waar het al goed gaat en waar nog gestuurd moet worden. En vergeet niet: vier het ook vooral als een doel is behaald.
- Houd het vooral leuk en inspirerend! Laat collega’s bijvoorbeeld zelf met een onderwerp komen dat ze aan willen kaarten in het green team overleg. Deel ook de duurzame resultaten om elkaar gemotiveerd te houden. Nodig eens iemand uit van een ander museum of een andere discipline of sector overstijgende organisatie om weer nieuwe en frisse inzichten te krijgen. Of ga samen op uitje naar een duurzaam initiatief of tentoonstelling om inspiratie op te doen. Zo werk je samen op een leuke manier naar een duurzamer museum toe!
Tip! Bekijk ook eens The Green Teams Best Practice Guidelines van de Gallery Climate Coalition.
Harro van Est, manager faciliteiten van het FENIX museum in Rotterdam Heb het op papier, maar hou het ook werkbaar en leuk. Maak er een positieve sport van, als het een moetje wordt gaat het niet werken.
Duurzaamheidsbeleid
Om duurzaamheid goed te integreren binnen de organisatie, is het belangrijk om duurzaamheid een structurele plek binnen het meerjarige beleidsplan van de organisatie te geven. Op deze manier is er structuur voor de organisatie om zich aan vast te houden, maar ook duidelijkheid en weet iedereen wat er voor de komende tijd te doen staat op het gebied van duurzaamheid. Zo zijn alle collega’s op de hoogte van wat de duurzaamheidsambities en concrete acties zijn voor de komende periode en wie waar aan de slag kan gaan. Door duurzaamheid een structureel onderdeel te maken van het beleid, wordt het een vast element in de organisatiecultuur en van de dagelijkse handelingen. Hoe pak je dit stapsgewijs aan?
- Stel een duurzaamheidsmissie en -visie vast. Wat past bij het museum? En wat vinden collega’s belangrijk? Een goede manier om een duurzame visie en missie vast te stellen voor het museum is om bijvoorbeeld eens naar de Sustainable Development Goals (SDG’s) te kijken. Welke duurzaamheidsonderwerpen hebben een belangrijke en relevante rol voor het museum en wat voor een duurzaamheidsvisie sluit daarom ook goed aan bij het museum? En hoe kan het museum bijdragen aan een positieve impact op deze SDG’s? Tip! Bekijk ook eens Social Handprint: hier kan je als museum je maatschappelijke impact meten en zichtbaar maken aan de hand van de SDG’s. Door een duidelijke duurzaamheidsmissie en -visie vast te stellen ontstaat er meer overzicht en richting binnen de organisatie en is het voor iedereen duidelijk waar en waarom er een focus is op duurzaamheid. Zo kunnen de missie en visie in ook helpen bij het nemen van beslissingen en het prioriteren van duurzaamheidsacties. Zorg er daarom voor dat de missie en visie duidelijk worden gecommuniceerd binnen de organisatie én naar buiten toe. Zo is er een duidelijke koers voor de collega’s en biedt je transparantie aan de bezoekers en andere stakeholders.
- Creëer duurzaamheidsdoelstellingen of ambities voor de gehele organisatie. Nadat de duurzaamheidsmissie en -visie zijn vastgesteld kunnen er bijpassende doelstellingen worden geformuleerd. Wees hierin vooral ambitieus en durf groot te denken. Denk bijvoorbeeld aan doelstellingen als het museum gasvrij maken voor 2030, net zero opereren in 2035, of een energie- of CO₂-uitstoot reductie van 50% behalen in de komende drie jaar. Koppel altijd een duidelijke tijdlijn aan de doelstellingen om ze concreet en meetbaar te maken, plus dan weten alle collega’s wat te verwachten. Verwerk de doelstellingen in een beleidsplan en zorg ervoor dat iedereen binnen de organisatie op de hoogte is van de duurzaamheidsdoelstellingen. Zo kan je samen gericht naar hetzelfde doel toewerken. Communiceer de duurzaamheidsdoelstellingen ook naar buiten toe om jezelf verantwoordelijk te houden en transparant te blijven. Als ANBI-stichting ben je verplicht om je jaarplannen te publiceren; neem hier ook je duurzaamheidsbeleid gelijk in mee.
- Vertaal duurzaamheidsdoelstellingen naar maatregelen en acties per afdeling. Door de doelstellingen te vertalen naar maatregelen en acties per afdeling worden ze behapbaar en uitvoerbaar én creëer je ook verantwoordelijkheid en draagvlak voor de doelstellingen. Zo wordt duurzaamheid iets waar iedereen aan bijdraagt en komt het goed van de grond. Werk hierbij vooral nauw samen met de afdelingen zelf, aangezien zij het best weten wat er speelt in de afdeling en wat er wel en niet kan. Zie hierin ook ieder zijn unieke krachten, talenten en specifieke kennis. Werk bijvoorbeeld per afdeling met een CO₂-budget. Zo worden keuzes niet alleen gebaseerd op financiële gronden, maar ook op basis van ecologische impact. Op deze manier wordt duurzaamheid concreet en meetbaar en wordt het duidelijk hoe de negatieve impact van het museum gereduceerd kan worden.
- Verwerk verduurzaming ook in het MJOP. Maak verduurzaming een onderdeel van het meerjarenonderhoudsplan, zodat als iets vervangen moet worden het dan ook meteen duurzaam wordt gedaan. Tip! Communiceer intern en extern ook de financiële besparingen die de verduurzamingsmaatregelen op de lange termijn opleveren, dit motiveert weer om verder te gaan verduurzamen!
- Blijf monitoren, bijsturen, experimenteren en rapporteren. Meet de vooruitgang en kijk wat er goed werkt en wat nog minder goed gaat. Zijn de maatregelen bijvoorbeeld realistisch, ook met oog op actuele wet- en regelgeving? Waar loopt het nog stroef, en wat kan er worden aangepast? Door periodiek samen te komen (binnen het green team en binnen het MT) om de voortgang te meten en te kijken hoe het gaat ontstaat er ruimte om weer te leren, bij te sturen en nieuwe ideeën uit te proberen. Zo blijft duurzaamheid leven binnen het museum en ontstaat er een doorlopend proces.
Het Nieuwe Instituut
Duurzaamheidsrapportering
Met de maatschappelijke verantwoordelijkheid die musea dragen is transparantie rondom duurzaamheid belangrijk. Het laat zien dat je verantwoordelijkheid neemt voor je ecologische impact en het versterkt het vertrouwen van bezoekers, subsidiegevers en andere stakeholders. En transparantie kan anderen ook nog eens inspireren en activeren om ook duurzamer aan de slag te gaan.
- De Milieubarometer biedt inzicht én stimuleert transparantie. De Museumvereniging wil haar leden graag ondersteunen bij het nemen van energiebesparende maatregelen en de bijbehorende CO₂‑reductie. Meten is weten en daarom krijgen leden 30% korting op een startabonnement op deze waardevolle CO₂‑calculator. Hoe meer musea starten met de de Milieubarometer, hoe groter de transparantie. Zo kunnen musea met deze tool de CO₂-uitstoot van verschillende onderdelen van de bedrijfsvoering berekenen. Zo creëer je niet alleen overzicht en transparantie, maar kun je ook vergelijken met andere musea door middel van de achterliggende benchmark. Hoe meer musea er gebruik van maken, hoe beter je kan vergelijken.
- Ga rapporteren over duurzaamheid. Doe dit door bijvoorbeeld de ecologische voetafdruk van het museum, de duurzaamheidsactiviteiten en duurzaamheidsdoelstellingen en de vooruitgang hiervan te delen in de jaarlijkse verantwoording. Zo wordt er transparantie naar stakeholders gecreëerd.
- Certificeringen voor duurzaamheid. Externe keurmerken zoals Green Key en BREEAM kunnen bijdragen aan de officiële erkenning van de duurzame presentaties van het museum. Zo geven ze bezoekers en partners vertrouwen dat het museum duurzaam onderneemt. Let er wel op dat duurzaamheid niet slechts bij één medewerker wordt gelegd met het gebruik van een keurmerk: het moet breed gedragen worden binnen de organisatie om echt effectief en geloofwaardig te zijn.
Tip vanuit de sector: ga ook eens samen zitten met leveranciers, afvalinzamelaars of andere externe partners om te bespreken hoe het duurzamer kan. En maak het vooral duidelijk dat er een voorkeur is voor een duurzame werkwijze. Zo kan je bijvoorbeeld duurzaamheidscriteria communiceren naar leveranciers, of samen gaan sparren over hoe het museum kan verduurzamen.
Negatieve impact verkleinen
Door bewuste keuzes te maken in bijvoorbeeld materiaalgebruik, afvalscheiding, isolatie of mobiliteit kun je de negatieve impact (de voetafdruk) aanzienlijk verkleinen. In dit deel van de Duurzame Wegwijzer vind je praktische stappen om het gas-, water- en elektriciteitsverbruik te verminderen, afval te scheiden en recyclen, duurzamer tentoon te stellen en te vervoeren, en het restaurant en de winkel te verduurzamen.
Verminderen van energie-, gas- en waterverbruik
Heb je de CO₂-uitstoot van het energie-, gas- en waterverbruik in kaart gebracht (via de Milieubarometer) en ben je klaar om te gaan verduurzamen? Bekijk dan hieronder welke stappen je kunt nemen en wat andere musea al doen om hun negatieve impact te verminderen.
Energieverbruik
- Stap over op groene stroom. Een van de eenvoudigste manieren om de CO₂-uitstoot van het museum te verlagen is door over te stappen op groene, hernieuwbare stroom. Kies voor Nederlandse zonne- of windenergie, dan komt er vrijwel geen CO₂-uitstoot vrij bij het opwekken van de energie. En het goede nieuws is, deze stap kan je vandaag nog zetten! Zo reduceer je nog eens snel je negatieve impact.
Hoe verminder je het energieverbruik?
- Klimaat. Steeds meer musea stappen langzaam af van de standaard regelingen voor de klimaatinstallatie en boeken daarmee aanzienlijke energiebesparingen. Een veelgehoorde tip van musea is dan ook: ga is aan de knoppen van de klimaatinstallaties draaien om te zien wat er mogelijk is. Of ga eens bij een museum op bezoek dat hier al ervaring mee heeft. Door soepeler om te gaan met de standaard regelingen en de instellingen te baseren op wat echt nodig is voor het behoud van de collectie kun je het energieverbruik flink omlaag halen. Er zijn ook organisaties die hierin gespecialiseerd zijn, zo werken een aantal musea samen met Dyseco, die een add-on software aanbiedt voor klimaatinstallaties. Het H’ART Museum heeft zo bijvoorbeeld al 50% energie kunnen besparen met hun klimaatinstellingen, wat overeenkomt met een jaarlijkse reductie van 205 ton CO₂-uitstoot.
Sommige musea gaan nog een stap verder en kiezen voor een ruw klimaat, een binnenklimaat dat goed aansluit bij het monumentale karakter van sommige musea. Bij een ruw binnenklimaat schommelt de temperatuur en luchtvochtigheid in het gebouw meer dan bij de traditionele klimaatregelingen, wat veel energie bespaart. In deze musea mag het in de winter dus iets kouder zijn dan normaal, en in de zomer weer iets warmer. Er wordt dan wel goed rekening gehouden met kwetsbare objecten door deze bijvoorbeeld in vitrines te plaatsen. En tegelijkertijd wordt er ook goed gelet op het warmte comfort van bezoekers en werknemers in het museum.
Eusebiuskerk Arnhem
- Isolatie. Een veelgenoemd advies van musea: ga isoleren waar mogelijk. Zo hoef je stukken minder energie en gas te gebruiken. Denk hierbij bijvoorbeeld aan het vervangen van warmte-doorlatend glas door vacuümglas, of het isoleren van daken, vloeren en muren. Maar denk ook aan het warmteverlies bij het standaard open laten van deuren naar tentoonstellingszalen of entrees. Dit soort aanpassingen kunnen samen een groot verschil maken in het energieverbruik.
Teylers Museum
“Het is juist mooi als bezoekers er geen last van hebben en juist niks doorhebben, maar wél in een groen gebouw lopen”, zegt Wouter Lips, Hoofd Huisvesting en Onderhoud van Teylers Museum.
- Duurzame verlichting. Op het gebied van verlichting kan veel energieverbruik bespaard worden. Zo kan een museum overstappen op LED verlichting, wat veel zuiniger is dan normale verlichting en langer meegaat. En met slimme schakelaars, timers en bewegingssensoren staat verlichting alleen aan wanneer dat echt nodig is. Zo kan je nog meer energie besparen.
- Grote energieslurpers vervangen. Gebruik energiemeters om eenvoudig te achterhalen welke apparaten veel energie verbruiken en dus eventueel vervangen kunnen worden voor een zuinigere optie. Apparaten zoals koffiemachines, oude koelkasten, wasdrogers of vaatwassers verbruiken vaak enorm veel energie, zeker als ze standaard dag en nacht aan staan. Hier kan je makkelijk en snel veel energie besparen. Wist je dat een moderne koelkast bijvoorbeeld vaak drie keer minder energie gebruikt dan oudere modellen? Dit kan je dus niet alleen flink energieverbruik schelen, maar ook in je energierekening.
- Energie opwekken met zonnepanelen. Een museum kan natuurlijk ook zelf energie opwekken. Zo heeft het H’ART Museum sinds 2019 316 zonnepanelen op het dak liggen. Dit levert hun ca. 80.000 kWh per jaar op. Vergelijkbaar met het energieverbruik van ongeveer dertig huishoudens.
H’ART Museum en Hortus Botanicus Amsterdam
Tip! De Groene Menukaart van de Groene Grachten vind je inspiratie en tips voor het verduurzamen van jouw museumgebouw en bijgebouwen.
Gasverbruik
- Een waardevolle doelstelling om duurzamer te opereren als museum is om van het gas af te gaan. Het gebruiken van aardgas veroorzaakt namelijk CO₂-uitstoot en draagt hiermee direct bij aan klimaatverandering. De Rijksoverheid heeft dan ook als doel om Nederland in 2050 aardgasvrij te maken en over te stappen op duurzame energie. Daarom is het vanaf 2050 in principe ook niet meer mogelijk om te koken of te stoken op aardgas. Ook musea zullen zich moeten voorbereiden op deze overgang. Maak daarom een duidelijke doelstelling over wanneer het museum van het gas af wil zijn. Leg deze doelstelling vast in het duurzaamheidsbeleid om ervoor te zorgen dat het museum goed voorbereid is op deze aanpassing. Niet elk museum kan direct van het gas af, daarom is het nuttig om aan de slag te gaan met het verminderen van het energieverbruik.
Waterverbruik
- Het verminderen van het waterverbruik ligt enerzijds bij technische maatregelen zoals het installeren van zuinige kranen en toiletten. Maar ook gedragsverandering speelt een belangrijke rol. Zo kunnen informatieve posters of stickers in toiletten en keukens zorgen voor bewustwording onder bezoekers en collega’s. Op die manier kan er aanzienlijk minder water worden gebruikt.
- Denk naast het verminderen van waterverbruik ook aan het hergebruiken van water. Zo kan grijs water hergebruikt worden voor besproeiing voor de tuin en toiletten.
Afval
Door het afval van het museum te verminderen en te scheiden wordt de negatieve impact van het museum op het natuur en het klimaat verkleind. Zo bespaar je met afvalvermindering en -scheiding niet alleen grondstoffen, maar haal je ook de CO₂-uitstoot omlaag.
Tip! VANG Buitenshuis creëerde een stappenplan om een meer afvalvrije organisatie te worden. In 6 stappen krijg je inzicht in de afvalstromen van de organisatie, en weet je deze te verminderen en beter te scheiden. Bonus: een kieswijzer voor de juiste afvalbak. Door afval te scheiden kunnen grondstoffen
opnieuw worden gebruikt. Maar waar let je op bij het kiezen van de juiste bak? De kieswijzer helpt je op weg.
Afval verminderen
- Creëer eerst inzicht: waar ontstaat het meeste afval? Voordat je met afval vermindering aan de slag kunt, is het belangrijk om inzicht te krijgen in waar het meeste afval precies vandaan komt. Bij veel musea is het meeste afval afkomstig vanuit de horeca, gevolgd door tentoonstellingsop- en afbouw. Je kan dit inzicht creëren door een afvalscan te laten doen, het gewicht van afval per afdeling te meten of het procentuele gewicht van restafval ten op zichtte van het totale afval per afdeling te meten. Door dit goed in kaart te brengen, weet je ook waar de meeste winst te behalen valt en kan je dus gerichter aan de slag per afdeling om te kijken hoe de afvalstromen verminderd kunnen worden.
- Ga voor een papierloos museum. Veel papieren afval in musea is te voorkomen door digitale alternatieven te gebruiken of door papier te hergebruiken. Denk aan papieren entreetickets, papieren bezoekersgidsen, tentoonstellingsflyers of museumplattegronden. Waarom niet digitaal? Overweeg eens om bezoekers digitaal te informeren via schermen, een museumapp of QR codes. Of laat bezoekers folders na afloop teruggeven bij een inzamelpunt, zodat ze hergebruikt kunnen worden om zo het papierafval te verminderen. Hierdoor los je een hele afvalstroom in het museum in een keer op. En het hoeft geen negatieve impact op de bezoekersbeleving te hebben. Bonus: dit bespaart je niet alleen bomen, maar ook nog eens kosten. Of ga voor een hybride aanpak, informeer bezoekers waar mogelijk digitaal, en bied daarnaast hergebruikte papieren folders aan. Zo blijft het museum toegankelijk én duurzaam!
Museum Beelden aan Zee
- Creëer bewustwording. Zorg ervoor dat afvalvermindering en bewust materiaalgebruik door iedereen in de organisatie als een prioriteit wordt gezien. Door in de gehele organisatie bewustwording te creëren zorg je ervoor dat afvalvermindering bij iedereen op de agenda komt te staan. Zo voorkom je gewoontes als onnodig printen en het gebruiken van single-use producten. Creëer samen met elke afdeling bijvoorbeeld een jaardoel voor afvalvermindering, en bepaal ook welke stappen nodig zijn om dit doel te bereiken. Zo is er een duidelijke focus en aanpak. Tip! De Museumvereniging, NAPK, VSCD en Kunsten’92 organiseren namens het Platform Duurzame Cultuursector regelmatig online sector-overstijgende kennissessies. Waaronder over afval voorkomen en gedragsbeïnvloeding.
- Denk verder. Koop producten voor de museumwinkel in met zo min mogelijk verpakking, verminder het aantal leveranciers om onnodige extra verpakkingen te beperken of hergebruik de materialen voor collectietransport. Ga ook eens met collega’s rond de tafel zitten om te brainstormen over hoe en waar afval op creatieve manieren verminderd kan worden.
Manchester Museum
Afval scheiden en recyclen
- Ga overal het afval scheiden. Door het afval in het museum, het kantoor, de tentoonstellingen en de horeca goed te scheiden kan je een grote impact maken. Op deze manier kan het afval namelijk gerecycled worden, waardoor er minder afval wordt verbrand, wat de CO₂-uitstoot vermindert. En door meer afval te recyclen worden er ook meer grondstoffen bespaard.
- Werk samen met een erkende afvalinzamelaar of de gemeente. Door het gescheiden afval op te laten halen door een erkende afvalinzamelaar of de gemeente ben je er zeker van dat al het gescheiden afval wordt gerecycled.
- Communiceer over hoe het afval wordt gescheiden. Voor correcte afvalscheiding is het belangrijk dat er duidelijke communicatie is naar collega’s en bezoekers over hoe het afval gescheiden moet worden. Door bijvoorbeeld posters boven de afvalbakken te hangen, met wat er in welke afvalbak gaat, wordt het een stuk makkelijker om afval goed te scheiden. Denk hierbij ook aan een korte uitleg voor collega’s, zodat iedereen goed weet hoe het afval gescheiden wordt. Dit maakt het voor iedereen makkelijker en leuker. Bonus: afvalscheiding creëert ook bewustwording rond duurzaamheid en maakt het zichtbaar en tastbaar voor zowel de bezoekers en de collega’s.
- Creëer inzicht. Zorg er ook hier weer voor dat je inzicht hebt in waar het meeste restafval vandaan komt. Dit is het afval dat niet gerecycled kan worden en dus CO₂-uitstoot veroorzaakt. Zo weet je waar het afval nog niet goed gescheiden wordt en kan je gerichter gaan nadenken over hoe je dit probleem kan aanpakken.
Tentoonstellingen en materialen
Hoe bouw je een tentoonstelling duurzaam op en af? Dat lijkt een puzzelwerk, maar er is meer mogelijk dan je denkt. We nemen je erin mee:
- Focus op het hergebruik van materialen. Door zo veel mogelijk materialen voor de tentoonstellingen her te gebruiken wordt de negatieve impact van de tentoonstelling aanzienlijk omlaag gehaald. Maak hergebruik de standaard; weggooien is echt de allerlaatste optie. Tip! Houd een oogstlijst bij: wat heb je (niet) staan en wat kan je gebruiken bij de volgende tentoonstelling of lenen bij collega musea?
- Geef duurzaamheidscriteria mee aan tentoonstellingsontwerpers en bouwers. Bespreek met ontwerpers en bouwers van de tentoonstelling gelijk vanaf het begin dat er een focus is op duurzaamheid en dat het museum daarom zoveel mogelijk wil hergebruiken (oogstlijst!). Geef een duidelijk overzicht mee met daarin wat de eisen en wensen zijn rondom duurzaamheid. Op deze manier wordt duurzaamheid een kernonderdeel van de tentoonstellingen. Wat kan je hierin noemen?
- Minimaal percentage hergebruik van de materialen van de vorige tentoonstellingen.
- Duurzaamheidscriteria en voorkeur voor lokale inkoop voor nieuwe materialen.
- Minimaal percentage van de materialen voor deze tentoonstelling die weer hergebruikt moeten kunnen worden in de volgende tentoonstelling en in welke vorm.
Tip vanuit de sector: werk zo veel mogelijk met dezelfde tentoonstellingsontwerpers. Op deze manier kan er samen goed nagedacht worden over de duurzaamheid van de toekomstige tentoonstellingen en wordt hergebruik van materialen een stuk eenvoudiger.
- Gebruik modulaire tentoonstellingbouw. Bij het gebruik van een modulaire tentoonstelling opzet kunnen veel materialen standaard hergebruikt worden. Dit is een goede basis voor duurzaam tentoonstellen en scheelt ook nog eens in kosten op de lange termijn!
- Deel materialen met andere musea. Zo voorkom je opslag van materialen die elders goed gebruikt kunnen worden. Maak bijvoorbeeld gebruik van het Museumgoed of Jutplaats, waar materialen voor tentoonstellingen worden uitgewisseld tussen musea. Of start een samenwerking met andere lokale culturele instellingen en musea om materialen te gaan delen. Maar kijk ook is elders in je lokale omgeving of je tweedehands materialen kan vinden; het kan je verrassen!
- Voer een duurzaam inkoopbeleid in. Het Rijksmuseum Amsterdam heeft bijvoorbeeld een overzicht gemaakt van materialen met duurzaamheidindicaties, en beslist zo welke materialen worden ingekocht. Zo wordt het een stuk eenvoudiger om duurzame en geïnformeerde keuzes te maken.
- Verleng de looptijd van tentoonstellingen. Meer tentoonstellingen leiden tot meer materiaalgebruik, afval, transport, en dus CO₂-uitstoot. Dus hoe langer een tentoonstelling staat, hoe lager de CO₂-uitstoot per bezoeker. Het is daarom zeker te overwegen om een tentoonstelling eens langer dan normaal te hebben staan om de negatieve impact van de tentoonstelling te reduceren. Tip! Kijk hier naar manieren om publiek alsnog te blijven trekken. Denk aan wisselende educatieve programma’s in dezelfde tentoonstelling, sprekers, of andere evenementen en programma’s voor bezoekers.
- Overweeg het aantal bruiklenen. Wees kritisch op het aantal bruiklenen, maar ook waar welke bruiklenen vandaan komen. Kijk bijvoorbeeld regionaal, nationaal, of binnen Europa. Zo kan je de grootste CO₂-uitstoot van overzeese bruiklenen voorkomen.
- Denk ook aan afval en transport. Gebruik voor transport bijvoorbeeld huurkisten of herbruikbare verpakkingsmaterialen zoals dekens en turtles. Dit kan weer zorgen voor minder afval en meer hergebruik.
- Stap voor stap. Ga stapsgewijs aan de slag en experimenteer elke tentoonstelling weer. Alles tegelijkertijd proberen op te pakken is niet haalbaar en werkt demotiverend. Focus je op één thema, iedere stap is er één. Focus bijvoorbeeld op geen afval, 100% hergebruik óf CO₂-besparing.
Klaar voor de volgende stap?
- Met de Carbon calculator van het Design Museum in London en de Gallery Climate Coalition kan je berekenen hoeveel CO₂-uitstoot door welk onderdeel van de tentoonstelling wordt veroorzaakt.
- Daarnaast is er ook de Guide voor duurzaam tentoonstellen door het Design Museum London opgesteld.
- STUDIO &Lotte heeft een stappenplan voor duurzaam tentoonstellen opgesteld.
- Gebruik de R-ladder voor een circulaire aanpak van tentoonstellingsmaterialen. Hoe hoger op de R-ladder, hoe lager het grondstofgebruik.
Mobiliteit
Het verduurzamen van mobiliteit, vooral van bezoekers, is niet altijd eenvoudig. Het gaat namelijk grotendeels ook over gedragsbeïnvloeding. Toch laten musea ook hier weer zien hoe ver je komt met creatieve oplossingen.
Verduurzamen van mobiliteit: werknemers
- Breng in kaart hoe medewerkers naar het museum of kantoor reizen. Inventariseer hoeveel collega’s met de auto, de fiets of het openbaar vervoer (OV) komen. Reizen er nog veel collega’s met de auto? Ga dan eens in gesprek met deze collega’s om te bespreken wat ze weerhoudt van het reizen met de fiets of het OV, en wat zou kunnen helpen om in de toekomst wel duurzamer te gaan reizen?
- Maak duurzaam reizen aantrekkelijker. Stimuleer het gebruik van OV en de fiets door dit bijvoorbeeld te vergoeden (groene arbeidsvoorwaarden). Biedt als het mogelijks is bijvoorbeeld een NS businesscard aan of vergoedt een deel van de aankoop van een elektrische fiets.
- Voer beleid in voor zakelijke reizen naar het buitenland. Maak hier duidelijke afspraken over door bijvoorbeeld een reis beslisboom of dienstreisbeleid te gebruiken. Hier kan je richtlijnen in communiceren over duurzaam reizen. Met richtlijnen als: reizen onder de 1000 km of 8 uur standaard met de trein worden gemaakt in plaats van het met het vliegtuig. Zo wordt er niet onnodig gevlogen voor korte afstanden in Europa.
- Hanteer een CO₂-budget voor vliegreizen. Om ervoor te zorgen dat de uitstoot uit zakelijke vluchten beperkt blijft kan je ook met een CO₂-budget gaan werken. Je kunt hierbij kiezen voor een maximum aantal kilometers, vluchten of een maximaal aantal ton uitstoot per jaar. Zo wordt er zorgvuldiger afgewogen welke vluchten echt noodzakelijk zijn en welke niet.
- Kijk wat er online of hybride kan. Sinds de Coronapandemie zijn we erachter gekomen hoeveel er online mogelijk is. Zo kunnen veel meetings vaak online gedaan worden, waardoor minder collega’s de auto of het vliegtuig hoeven te pakken. Stel hiervoor ook interne richtlijnen op, zodat het duidelijk is dat duurzaamheid een vaste overweging is bij het plannen van afspraken.
Verduurzamen van mobiliteit: bezoekers
- Motiveer bezoekers om met het OV of de fiets naar het museum te komen. Hierin speelt communicatie een belangrijke rol, zo kan het enorm helpen om de bereikbaarheid van het museum met het OV en de fiets duidelijk aan te geven op de website en in mails naar bezoekers. Noem hier bijvoorbeeld ook standaard éérst de routes met het OV en de fiets, in plaats van de auto en de parkeermogelijkheden.
- Biedt leuke OV- en fietsroutes naar het museum aan. Zo kan je een museumtour maken, waarin je een route van het trein station naar het museum aanbiedt. Met op de route mooie lokale bezienswaardigheden die je niet wilt missen. Eventueel met een thema: een foodies tour, een toeristen tour, of een lokale buurt tour.
- Is het museum lastig te bereiken met het OV of de fiets? Kijk of het een optie is om hier verandering in te brengen samen met de gemeente en/of de provincie. Is er op deze manier in de toekomst wel een betere OV verbinding naar het museum mogelijk? Of is een samenwerking tussen het museum en het OV mogelijk om de prijs van het OV kaartje aantrekkelijker te maken? Trek hier ook samen in op met andere culturele organisaties in de buurt.
- Maak de duurzame optie zo aantrekkelijk mogelijk. Voor de bezoekers die al graag klimaatbewust naar het museum willen komen is het mooi om hun reis nog soepeler te maken. Denk hierbij aan elektrische laadpalen op het parkeerterrein voor e-bikes en elektrische auto’s, maar ook aan een goede fietsenstalling waar de fiets veilig kan worden geparkeerd.
Centraal Museum Utrecht
- Wil je een stap verder zetten? Helaas kan niet elke bezoeker met het OV of de fiets komen, maar je kan de bezoeker wel aanbieden om te compenseren voor de CO₂-emissies van hun reis naar het museum. Door bijvoorbeeld een compensatie van 1 euro als optie aan te bieden bij het aanschaffen van het entreeticket. Zo kan de bezoeker zelf kiezen om deze kleine maar mooie stap te zetten. En hiernaast creëer je zo ook nog eens bewustwording onder bezoekers. Het museum kan ook overwegen om deze stap zelf elk jaar voor een percentage van de bezoekers te doen. Deze euro geef je dan als museum weer uit aan een groen project die de CO₂-uitstoot van de bezoeker compenseert. Denk aan het planten van bomen, bescherming van bestaande bossen en investeren in hernieuwbare energie.
- Ook hier is het belangrijk om inzicht te creëren. Vraag bezoekers bijvoorbeeld bij ticket aanschaf om de postcode en het vervoermiddel aan te geven zodat hieruit de CO₂-uitstoot berekend kan worden. Door dit in kaart te brengen wordt het duidelijker of dit een emissiestroom is die het museum aan wil gaan pakken.
Verduurzamen van mobiliteit: collectie
- Stel richtlijnen op voor duurzaam collectie mobiliteit. Zorg voor duidelijke afspraken binnen de organisatie over het transport van bruiklenen. Denk aan een richtlijn waarbij bijvoorbeeld 80% van de bruiklenen voor een tentoonstelling over de weg moeten komen. Of stel een maximumaantal bruiklenen uit het buitenland per jaar vast. Op deze manier is er structuur en wordt duurzaamheid altijd overwogen bij het maken van keuzes. Het verminderen van het aantal buitenlandse bruiklenen kan een aanzienlijke impact maken op het verminderen van de CO₂-uitstoot.
- Ga werken met een CO₂-budget. Stel als museum een jaarlijks maximaal CO₂-budget vast voor collectie transport. Zo wordt het duidelijk hoeveel uitstoot er jaarlijks beschikbaar is voor bruiklenen en kan op basis hiervan gerichter bepaald worden hoeveel en welke bruiklenen er dit jaar komen.
- Maak gebruik van digitaal koerieren. Iets dat is voortgekomen uit de Coronapandemie is digitaal koerieren. Op deze manier hoeven er geen museummedewerkers mee om een bruikleen te begeleiden, maar kan alles online gevolgd worden. Duurzaam én veilig!
- Kijk ook naar afval bij transport van de collectie. Transport van de collectie gaat vaak gepaard met veel verpakkingsmateriaal, en dus afval. Bekijk daarom ook het hoofdstuk Afval in deze wegwijzer om te zien hoe je ook op dit gebied kunt verduurzamen, bijvoorbeeld door huurkisten of turtles te gebruiken, en door transportmateriaal circulair in te zetten.
Tip! De UK Art Fund heeft een toolkit gemaakt voor reizende tentoonstellingen en de Gallery Climate Coalition en BIZOT bieden handleidingen aan voor het verduurzamen van transport.
Museumcafé en -winkel
Om ervoor te zorgen dat duurzaamheid overal in de organisatie zit, is het belangrijk om ook het museumcafé en de museumwinkel te gaan verduurzamen. Zo kan je met behulp van duurzame richtlijnen en een duurzaam inkoopbeleid ook in deze onderdelen van het museum duurzamer gaan werken.
Verduurzamen in het museumcafé
- Vegan of vegetarisch menu. Niet alleen zijn vegan en vegetarische menu’s minder schadelijk voor het milieu, ze creëren ook nog is bewustwording bij bezoekers over het maken van milieubewustere keuzes. En dit is vaak een toegankelijke en haalbare stap om duurzamer te opereren.
- Gebruik biologische en fair trade producten. Door zo veel mogelijke biologische en fair trade producten in de keuken te gebruiken heb je een directe positieve impact op zowel je ecologische als sociale voetafdruk.
- Kook met lokale producten. Lokaal geproduceerde producten hoeven een veel minder verre weg af te leggen naar het museum, wat het dus een stuk duurzamer maakt. Hiernaast zijn er ook veel lokale voedselproducenten die ook nog eens milieuvriendelijkere producten aanbieden.
- Verminderen van het aantal leveranciers. Naast lokale leveranciers is het nuttig om te kijken naar hoeveel verschillende leveranciers er voor het restaurant naar het museum komen en hoe vaak per week. Door het aantal leveranciers te verminderen kan je je voetafdruk snel verkleinen.
Het Scheepvaartmuseum
Verduurzamen in de museumwinkel
- Bied duurzame producten aan in de museumwinkel. Het klinkt logisch, maar het wordt nog niet altijd gedaan. Focus bij het inkoopproces van de museumwinkel op duurzaam geproduceerde producten. Maar denk hier ook aan de producten van het museum zelf. Kijk bijvoorbeeld eens of de ansichtkaarten in de museumwinkel ook uit gerecycled papier geproduceerd kunnen worden. Zo maak je met kleine stappen het verschil.
- Bied lokale producten aan in de museumwinkel. Net zoals in het restaurant kan je ook in de museumwinkel je voetafdruk verlagen door te zorgen dat er vooral lokale producten worden verkocht.
- Maak richtlijnen voor het aantal leveranciers voor de winkel. Door ook in de winkel het maximale aantal leveranciers vast te stellen, en dit aantal zo omlaag te halen, kan je een structurele duurzame stap zetten voor de museumwinkel.
- CO₂-neutrale bezorging. Werk voor online bestellingen uit de museum winkel samen met bezorgbedrijven die duurzame verzendingsmogelijkheden aanbieden.
Op zoek naar nog meer inspiratie en handige tools om de negatieve impact te reduceren? Bekijk ook eens de volgende kennisbanken:
- Julie’s Bicycle
- NEMO Guidelines Climate protection in museums
- Arts Green Book
- ATLAS of Future Exhibitions
- UK Museum COP Report
- Action for Climate Empowerment Guide
- Cultuurzaam Toolkit
- Nordic Green Roadmap for Cultural Institutions
Positieve impact vergroten
Naast het reduceren van de negatieve impact is het minstens even belangrijk om te kijken hoe de positieve impact (de handafdruk) van het museum vergroot kan worden. Juist hierin is een sleutelrol voor musea weggelegd. Zo kunnen musea bezoekers op een unieke wijze inspireren, bewustwording vergroten en het gesprek over het klimaatprobleem op gang brengen. Maar ook door lokale biodiversiteit te bevorderen en maatschappelijke organisaties te steunen kunnen musea een veelbelovende impact maken.
Bewustwording via programmering
Informeer bezoekers via programmering over klimaatverandering en duurzaamheid. Musea hebben met hun invloedrijke en vertrouwde posities een unieke kans om bezoekers op bijzondere en effectieve wijzen te kunnen informeren over klimaatverandering. Door middel van bijvoorbeeld inspirerende tentoonstellingen en educatie programma’s over kunnen musea een directe positieve impact hebben op het creëren van bewustwording en gedragsverandering. Op deze manier kunnen musea een belangrijke rol spelen in de klimaatcrisis en draagt ieder museum op haar eigen manier een steentje bij. Tip! Stel een tentoonstellingsbeleid op waarin je vastlegt hoe vaak per jaar een tentoonstelling wordt gewijd of verbonden aan thema’s als natuur en klimaat.
Kijk goed wat bij het museum en de collectie past.
Duurzaamheid is bij het ene museum een zichtbaarder onderwerp dan bij het andere museum, doordat het beter passend is bij de aard van de collectie. Kijk daarom vooral wat goed aansluit bij de kern van het museum en daarom ook bij de programmering. Het gaat er niet alleen om dat je een tentoonstelling cureert rondom klimaatverandering (heel zichtbaar), maar ook hoe de tentoonstelling tot stand is gekomen (minder zichtbaar, wel grote impact voor het verkleinen van de voetafdruk). Elk museum draagt daarentegen wel een maatschappelijke verantwoordelijkheid. Kijk daarom op welke manier je het thema van duurzaamheid en natuur aan de collectie kan verbinden. Op deze manier kan je alsnog bijdragen aan bewustwording en kennisdeling rond klimaatverandering, maar dan wel op een manier die past bij het museum.
– Evert van Os, algemeen directeur van Singer Laren over de tentoonstelling Wij Zijn Natuur (2025). Onze collectie is ontstaan door schilders die trokken naar de Gooische natuur. Vanuit deze collectie kunnen we heel veel relevante maatschappelijke verhalen vertellen. Ons museum staat in de prachtige natuur dus dat verhaal vertellen werkt.
Voorbeeldfunctie
- Deel kennis en best practices. Door de duurzame initiatieven van het museum op de website, in de nieuwsbrief of op social media te delen inspireer je anderen. Zo kunnen andere musea, organisaties en bezoekers zien dat het ook duurzaam kan. Denk aan het delen van best practices, lessons learned of duurzame successen. Maar juist ook de niet-successen: anderen kunnen leren van wat niet heeft gewerkt. Op deze manier kunnen we elkaar samen helpen in het zetten van duurzame stappen.
- Creëer transparantie. Rapporteer over de duurzaamheidsactiviteiten om transparantie in de sector een standaard te maken. Op deze manier is duurzaamheid meetbaar en bespreekbaar. Daarnaast creëert transparantie vertrouwen en nodigt het anderen uit om ook stappen te zetten.
ATLAS for Future Exhibitions
Samenwerken
- Partner met een maatschappelijke organisatie. Musea kunnen in samenwerking met maatschappelijke organisaties die zich richten op het Klimaatakkoord tentoonstellingen, educatieprogramma’s of campagnes rondom duurzame thema’s opzetten. Zo kan het museum een podium bieden voor deze organisaties, maar ook hun kennis en expertise in huis halen. Denk hierbij ook aan lokale duurzame initiatieven om mee samen te werken.
- Ga samenwerkingen aan met andere musea en cultuurinstellingen. Sla de handen ineen met andere musea of culture instellingen in de buurt om samen duurzame stappen te gaan zetten. Door regelmatig samen te komen, te sparren, kennis uit te wisselen en afspraken te maken rondom duurzaamheid kan je gezamenlijk een grote impact maken en meer mensen bereiken.
Eusebiuskerk Arnhem
Biodiversiteit
Door lokale biodiversiteit te steunen en bevorderen kunnen musea een directe positieve impact hebben op de natuur.
Heb je een museumtuin?
- Richt die dan in met een focus op biodiversiteit. Steun hiermee dieren, planten, insecten en micro-organismen die in de omgeving van het museum leven. Want een biodiverse tuin, is een gezonde tuin, die hoe klein dan ook, bijdraagt aan de gezondheid van de natuur. Kijk bijvoorbeeld is naar de museumtuinen van het Rijksmuseum Twenthe, het Nieuwe Instituut, Singer Laren en het Rijksmuseum. En denk bij iets minder plek voor groen bijvoorbeeld aan een geveltuin.
- Geen plek voor een tuin? Ga het dak op! Een aantal musea hebben in plaats van een normale tuin een daktuin aangelegd. Zo heeft het FENIX Museum een sedum dak, wat niet alleen goed is voor het bieden van een leefgebied voor insecten, vogels en andere dieren, maar het isoleert ook goed, verlengt de levensduur van een dak, ontlast het riool, verbetert de lokale fauna en koelt de omgeving en het gebouw af. Singer Laren, Museum de Bastei, Museon-Omniversum en NEMO hebben ook al een groen dak.
- Heb je wat extra plek? Leg dan een moestuin aan. Zo kunnen de groenten, kruiden en het fruit uit de tuin gebruikt worden voor het museumcafé. Heb je wat minder plek? Geen probleem, ga dan aan de slag met lokale voedselleveranciers die focussen op het bevorderen en steunen van biodiversiteit.
Echt geen plek voor groen? Je kan alsnog helpen!
- Je kan op nog meer manieren helpen bij het bevorderen van lokale biodiversiteit. Ze hebben bij NEMO en Singer Laren een bijenkast, en het Rijksmuseum heeft een vleermuizenkast en een insectenhotel. Kijk hierbij ook welke diersoorten er in de buurt leven en welke je kan ondersteunen, wellicht ook in samenwerking met lokale ondernemers die zich focussen op het bevorderen van de lokale biodiversiteit.
Tip vanuit de sector: misschien heb je zelf geen ruimte voor een tuin, of is het dak ongeschikt voor een daktuin. Ga dan met de stad aan de praat over hoe de omgeving groener kan. Zo heeft het FENIX Museum met hulp van de gemeente Rotterdam hun kade groener kunnen maken.
Het Nieuwe Instituut
CO₂-compensatie
Heb je alles geprobeerd, maar is er nog uitstoot die je niet kan vermijden? Of heb je momenteel niet de ruimte voor grotere investeringen maar wil je toch de CO₂-uitstoot verminderen? Dan kun je kiezen voor CO₂-compensatie. CO₂-compensatie is het vastleggen, voorkomen of verminderen van CO₂-uitstoot elders op de wereld, door middel van bijvoorbeeld het steunen van projecten rondom bebossing of hernieuwbare energie. Zo kun je bijvoorbeeld alle zakelijke vluchten compenseren, of compenseer bij elke tentoonstelling een bepaald percentage van de uitstoot. Let op! CO₂-compensatie is geen oplossing voor het klimaatprobleem. De belangrijkste focus blijft het verkleinen van je ecologische voetafdruk.
Nawoord
De museumsector speelt een belangrijke rol in de klimaatcrisis als vertrouwde stem die op een inspirerende en unieke manier bijdraagt aan bewustwording in de samenleving. Dit is een cruciale rol, zodat de bewustwording rond klimaatverandering niet alleen groeit, maar zodat er ook met de juiste woorden over wordt gecommuniceerd zodat er aangezet kan worden tot positieve gedragsverandering. Musea hebben de kracht om mensen te verbinden, wat juist in een crisis als deze zo belangrijk is. Van een ‘ik’ naar een ‘wij’ mentaliteit. Door gebruik te maken van onze gezamenlijke slagkracht kunnen we duurzaamheid een onlosmakelijk onderdeel van ons doen en denken maken en de klimaatcrisis een halt toeroepen. De Museumvereniging zet zich daarom actief in om musea te ondersteunen in de groene transitie van de sector. De Duurzame Wegwijzer, een praktische uitwerking van het Adviesrapport Duurzaamheid & Musea, draagt hier aan bij.
Copyright
De Duurzame Wegwijzer is een uitgave van de Museumvereniging. Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand, of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, door fotokopieën, opnamen of andere manier, zonder voorafgaande toestemming van de uitgever.
Disclaimer
Ondanks de zorgvuldigheid waarmee de Duurzame Wegwijzer tot stand is gebracht, kan de Museumvereniging geen aansprakelijkheid aanvaarden voor schade die het gevolg is van enige fout in deze uitgave.