We willen onze handafdruk vergroten, zodat bezoekers hun voetafdruk kunnen verkleinen.
In deze reeks spreken we met inspirerende mensen en organisaties die zich inzetten voor duurzaamheid in de museumsector. Dit keer: Inge van Rooij, werkzaam bij Museon Omniversum. Zij onderzoekt hoe musea bezoekers niet alleen kunnen informeren, maar ook daadwerkelijk kunnen activeren tot duurzamer gedrag.
“Musea kunnen meer zijn dan plekken van verwondering en kennisoverdracht,” zegt Inge. “We hebben als sector een unieke kans om mensen net dat extra zetje te geven om in hun dagelijks leven andere keuzes te maken.” Voor haar professional master Klimaatpsychologie en gedrag aan de Hogeschool van Amsterdam richt Inge zich op een concrete gedragsverandering: minder kleding kopen. Ze onderzoekt hoe tentoonstellingen en programmering bezoekers kunnen stimuleren tot bewuster consumentengedrag. “We willen onze positieve impact – onze handafdruk – vergroten, zodat bezoekers hun ecologische voetafdruk kunnen verkleinen.”
Van informeren naar activeren
In haar onderzoek stelt Inge een fundamentele vraag: wat gebeurt er ná een museumbezoek? “We kijken in de sector vaak naar bezoekersaantallen of hoe lang iemand bij een object blijft staan. Maar ik ben juist geïnteresseerd in wat er daarna verandert in het dagelijks leven van de bezoeker.”
Om dat inzichtelijk te maken, kiest ze bewust voor een specifiek en voor iedereen herkenbaar thema: kleding. De kledingindustrie heeft een grote milieu-impact, en vrijwel iedereen kan bijdragen aan verbetering – bijvoorbeeld door minder te kopen, vaker te lenen of tweedehands te shoppen. “Dat klinkt misschien groots voor een museum, maar juist door het onderwerp concreet te maken, wordt het gedrag toegankelijk.”
Gedrag veranderen vraagt meer dan alleen kennis
Inge benadrukt dat alleen kennis overdragen niet genoeg is om gedrag te veranderen. Ze werkt met het COM-B model, dat gedrag verklaart vanuit drie factoren: capaciteit (kan iemand het gedrag uitvoeren), gelegenheid (maakt de omgeving het mogelijk) en motivatie (heeft iemand er een persoonlijke reden voor). “Een expositie met alleen informatie is niet voldoende. Je moet ook de drempels wegnemen en het aantrekkelijk maken om iets anders te gaan doen.”
Musea hebben daar volgens haar een belangrijke rol in. “Bezoekers ervaren musea als geloofwaardig. Dat schept ruimte om duurzame keuzes bespreekbaar te maken, zonder dat het belerend overkomt. Je hoeft mensen niets op te leggen, maar je kunt ze wél net dat extra zetje geven.”
In de programmering van Museon Omniversum vormen de Sustainable Development Goals (SDG’s) een duidelijke rode draad. Ze fungeren als kapstok voor tentoonstellingen, films, publieksactiviteiten en educatie. Ook concepten als de ‘ladder van circulariteit’ – of ‘de trap van troep’, zoals Inge het met een knipoog noemt – maken de abstracte doelen tastbaar: “Het beste wat je kunt doen is niets kopen, daarna komt tweedehands, repareren, recyclen, en pas helemaal onderaan verbranden. Zo geef je mensen handvatten.”
Wat kunnen andere musea doen?
Veel musea willen hun maatschappelijke bijdrage vergroten, maar weten niet altijd hoe ze daar concreet invulling aan kunnen geven. Inge moedigt aan om klein te beginnen. “Durf te experimenteren. Bied vegetarische opties aan in het café met uitleg over de impact. Zet bewust gekozen producten in de museumwinkel. Of organiseer een lezing of workshop waarin bezoekers zelf aan de slag kunnen.”
Ook het stimuleren van het gesprek is belangrijk. “Het hoeft niet te stoppen bij een expositie. Door het gesprek op gang te brengen, kun je bijdragen aan een sociale norm waarin duurzaam gedrag vanzelfsprekender wordt.” Samenwerking en kennisdeling zijn daarin essentieel. “Ik zie veel energie en goede intenties in de sector. Met mijn onderzoek hoop ik praktische richtlijnen te kunnen bieden, zodat musea van elkaar kunnen leren.” Volgens Inge is de tijd rijp om als sector die extra stap te zetten. “We hoeven niet bang te zijn dat we bezoekers iets opdringen. Wie openstaat voor verandering, heeft vaak maar een klein duwtje nodig.”
Inge’s opleiding is inmiddels succesvol afgerond. Bekijk hier de verkorte versie van haar adviesrapport.