De grote zorgen over de continuïteit van de museumsector zijn nog niet weg

Een bestuurlijk akkoord voor de museumsector is cruciaal om de coronacrisis door te komen en om ervoor te zorgen dat werkgelegenheid en inkomen behouden blijven. Alleen zo kan de fijnmazige museale infrastructuur in stand worden gehouden.

De Museumvereniging voert sinds het uitbreken van de coronacrisis in Nederland een actieve lobby om de belangen van musea tijdens deze crisis zo goed mogelijk te behartigen. 

Steunpakket is noodzakelijk

Een bestuurlijk akkoord voor musea - ook nu musea sinds 1 juni hun deuren weer hebben geopend - blijft hard nodig. De culturele en creatieve sector verwacht dit jaar € 2,6 miljard aan inkomstenderving. Door nood- en steunmaatregelen van overheden is circa € 600 miljoen beschikbaar gesteld. Daarmee resteert er € 2 miljard aan inkomstenderving in 2020. 

Steunpakket van 300 miljoen extra is waardevol

Het door de minister aangekondigde steunpakket van 300 miljoen extra voor cultuur is waardevol, maar de minister heeft zelf al aan de Tweede Kamer laten weten dat meer middelen nodig zijn. De Museumvereniging blijft daarom pleiten voor een bestuursakkoord tussen rijk, provincies en gemeenten voor passende steun aan álle musea: ongeacht grootte, type collectie, vestigingsplaats of wijze van financiering. Het steunpakket zou volgens de vereniging als volgt moeten zijn opgebouwd:

  1. Vóór het zomerreces tegemoetkoming in de doorlopende huisvestingskosten van musea. Lees de brief hierover aan minister Ollongron hier.
  2. Investering in een Nationaal Herstelfonds dat overbrugging kan bieden in werkkapitaal, de vraaguitval kan keren en bezoek stimuleert.
  3. Verruiming van de Geefwet als fiscale stimulans voor kleine en gulle gevers aan culturele ANBI’s zoals musea. Lees de brief hierover aan staatssecretaris Vijlbrief hier.

Meer steun voor cultuur

In een serie van vier amendementen vroegen de PvdA, Groen Links en SP begin juni 2020 om meer steun voor cultuur. Als Museumvereniging ondersteunen wij de vier amendementen van harte. Een daarvan roept op om 200 miljoen euro extra ter beschikbaar te stellen voor eerder genoemde tegemoetkoming in huisvestingskosten van onder meer musea. De andere amendementen pleiten voor middelen voor zzp’ers en freelancers, een innovatiefonds en het niet-gesubsidieerde deel van de sector, want zonder steun dreigt er veel expertise en talent verloren te gaan voor de sector.

Taskforce culturele en creatieve sector

29 juni vond het Kamerdebat plaats over cultuur in coronatijden. Tijdens het debat stonden de corona-steunmaatregelen voor cultuur en de adviezen van de Raad voor Cultuur over de basisinfrastructuur 2021-2024 (BIS) centraal. Samen met de taskforce culturele en creatieve sector pleit de Museumvereniging voor een Herstelplan, bestaande uit 5 punten wat ook hierboven genoemde steunpakket voor musea omvat. Het herstelplan dient als basis voor herstel van de culturele en creatieve sector en is bedoeld voor de volle breedte van de culturele en creatieve sector: van de individuele ZZP'er tot (grote) commerciële of gesubsidieerde bedrijven en alles wat er tussenin zit. 

Vijfpuntenplan taskforce culturele en creatieve sector

  • Zorg voor extra, sectorspecifieke steun;
  • Help gemeenten en provincies de fijnmazige culturele infrastructuur in stand te houden;
  • Creëer een Nationaal Herstelfonds;
  • Zet in op ruimhartig fiscaal beleid voor donaties, crowdfunding en legaten;
  • Bied een reëel perspectief op verdere heropening door experimenten.

Vraaguitval duurt langer dan coronacrisis zelf

Dit plan is niet alleen bedoeld voor 2020, maar loopt tot ver in 2021, omdat we weten dat de vraaguitval langer zal duren dan de coronacrisis zelf. Hoewel musea onder voorwaarden weer veilig en verantwoord hun deuren kunnen openen sinds 1 juni, is het leed nog zeker niet geleden. Waar de gemiddelde derving van musea aan publieksinkomsten tijdens de sluiting zo'n 10 miljoen euro per week was, is dat sinds begin juni - omdat musea weer iets van eigen inkomsten hebben - zo'n  5 tot 7 miljoen euro per week. We zijn blij met elke versoepeling van de coronamaatregelen, maar daarmee staat het publiek nog niet in rijen voor de deur en zal ook internationaal toerisme nog een tijd op zich laten wachten. Musea verwachten tot het eind van het jaar maximaal rond de 20% van de reguliere bezoekersinkomsten, waarmee zij nog steeds op een inkomstenderving zitten van zo’n 80%. Voor 2021 verwachten we voor musea weliswaar stijgende bezoekersinkomsten, maar nog altijd slechts 40 tot 50%. Dus ook volgend jaar is de inkomstenderving aanzienlijk. 

De sector is afhankelijk van een gezonde economie

Na de bezuinigingen na de economische crisis is de museumsector minder afhankelijk geworden van subsidies, maar des te meer van een gezonde, sterke economie. Om overeind te blijven is steun en compensatie van doorlopende kosten hoognodig.

Liquiditeit staat onder druk

De Museumvereniging constateert dat het kabinet er nog onvoldoende in slaagt om passende steunmaatregelen te treffen. De liquiditeit en solvabiliteit van musea staat fors onder druk. Daarmee komt de continuïteit van de museumsector in gevaar. Dit raakt – naast het publiek en de Museumkaarthouders – direct 28.000 vrijwilligers en 13.000 werkenden in de ruim 400 musea die zijn aangesloten bij de Museumvereniging.  

Beschermen van collecties

De anderhalve meter samenleving heeft als gevolg dat musea minder publiek kunnen ontvangen. Dat betekent dat de inkomstenderving nog enige tijd zal doorlopen. Uiterste consequentie van het niet tijdig treffen van de eerdergenoemde maatregelen is – zo blijkt uit verschillende enquêtes die wij als Museumverenging onder onze leden hebben gehouden – dat 25% van de musea (vooral middelgrote en kleine musea die collecties van overheden beheren) omvallen. De collecties van deze musea worden veelal beschermd door de Erfgoedwet. De doorlopende materiële kosten, voor beheer en behoud, zullen een veelvoud bedragen van het herstelpakket waar de Museumvereniging om vraagt.

Noodpakket kabinet, coulance en steunpakket OCW geldt ook voor musea

Ook nu musea weer open zijn, zouden zij een beroep moeten kunnen blijven doen op de maatregelen in het noodpakket banen en economie (o.a. NOW en TOGS). OCW heeft coulancemaatregelen getroffen (uitstel betaling huur en geen toets op prestatieafspraken). Inmiddels is bekend gemaakt hoe de 300 miljoen euro die extra ingezet wordt voor met name de rijks gesubsidieerde instellingen verdeeld wordt. 

Er is voor langere tijd financiële zekerheid nodig

Musea moeten het nu zij weer heropend zijn vooral van hun vaste presentaties en eigen collectie moeten hebben: voor investeringen in aankopen of tijdelijke tentoonstellingen met bruiklenen vanuit het buitenland gelden allerlei beperkingen. Bovenregionaal verkeer wordt ontmoedigd, net als reizen per openbaar vervoer. Ook zal men zich niet zomaar in grote groepen en op drukke plekken begeven. Al met al is er voor langere tijd financiële zekerheid nodig, zodat een goed en toegankelijk cultuuraanbod in alle regio’s mogelijk blijft. Musea vormen een onmisbare pijler onder onze samenleving én economie. Hulp is nodig opdat iedereen door heel het land toegang houdt tot een enorm cultureel kapitaal dat van ons allemaal is.